Logo PKN

Menu

De zegen aan het eind van de dienst (slot) PDF   E-mail

Met de zegen weten wij ons ook verbonden met Israël.

.

Deel 2:

.

Met de zegen weten wij ons ook verbonden met Israël. En alhoewel de zegen bij ons vaak afgewisseld wordt  met woorden uit het Nieuwe Testament, de zegen die Paulus bijvoorbeeld meegeeft aan de gemeente van Korinthe aan het einde van zijn tweede brief aan deze gemeente , de achtergrond ligt toch ten principale bij de ambtelijke zegen uit het Oude Testament.
In die zin mogen we ook de lijn doortrekken en zeggen dat zij die in de ambtelijke bediening staan en de dienst der verzoening door middel van de prediking mogen hanteren, geroepen en ook alleen bevoegd zijn om de zegen op de gemeente te leggen.
Hoe moeten we de woorden van de zegen zien ? In de Joodse traditie wordt altijd beklemtoond dat de (hoge)priester de zegen zelf niet kan geven. Er wordt om gevraagd; het is een gebed tot God om de inhoud van die zegen te geven.
Vandaar die wensende vorm: “De Here zegene u”. Dat wil eigenlijk zeggen: laat Hij het toch mogen doen. De meningen zijn verdeeld over het feit of je met gesloten of geopende ogen de zegen ontvangt. Het gaat er om dat je de zegen meekrijgt als je de kerk verlaat.
Bij het uitspreken van de zegen wordt ook een gebaar gemaakt De predikant breidt zijn handen wijd uitgestrekt uit over de gemeente.
De handpalmen naar beneden en de armen op schouderhoogte; een ander gebaar dan aan het begin van de dienst.

De hogepriester mocht in Israël zijn handen niet hoger heffen dan zijn voorhoofd waarop zich de gouden voorhoofdsplaat bevond met de Naam van God erop. Het zou oneerbiedig zijn om de handen hoger te heffen dan het voorhoofd met die heilige naam van God
Wanneer een hogepriester zegende  moesten zijn vingers ook op een speciale manier samengesteld zijn.
De pink en de ringvinger werden bij elkaar gehouden en ook de middelvinger en de wijsvinger. (ds v d Meulen deed dit ook zo)

Zo ontstond door, door de beide opgeheven handen, de letter “shin” van het Hebreeuwse alfabet (die letter lijkt veel op onze “w”
De letter “shin” is de beginletter van het woord “Naam” Het is prachtige symboliek van het feit dat de Almachtige Zijn Naam, die borg staat voor hulp en bijstand. Er vindt eigenlijk een handoplegging op afstand plaats; niet hoofd voor hoofd, dat kan niet maar de dienaar legt in één gebaar de zegen op de gemeente
Het is een bijzonder voorrecht dat we als gezegende mensen de kerk mogen verlaten. We gaan niet weg om er zelf wat van te maken; e mogen weten dat in alle omstandigheden van ons leven de Heere bij ons is. Als je in het ziekenhuis ligt of in een revalidatiecentrum of waar dan ook, Hij is bij je!!
Zie achter de handen van de dienaar dan maar de handen van Christus. Zo mogen we de eredienst verlaten en de dienst in de wereld aanvangen!

W.E.W
.

=========================================== 

Deel 1:

.

Jaren geleden las ik eens een verhaal over een man in een Fries dorp. In de kerk nam altijd een hardhorende man plaats onder de bediening van het Woord. Hij zat ergens achteraan in de bank die tot de familie behoorde. Van de preek verstond hij weinig; de gebeden gingen langs hem heen. Maar vlak voor de predikant de zegen ging uitspreken, liep hij snel naar voren,hield zijn hand achter zijn oor en ving daar de woorden op die de predikant uitsprak als zegen .
Dat wilde deze man blijkbaar niet missen. Het ontvangen van de zegen was voor hem van groot belang. Het was voor hem het hoogtepunt van de dienst !!
De man had gelijk. Helaas wordt dat door velen niet altijd zo ervaren. Terwijl men de jas dicht knoopt en de das alvast omdoet, ontvangt menigeen de zegen.
Dat getuigt niet van eerbied en hoogachting voor dit heilig moment aan het eind van de dienst.
Wie wel eens op een oude joodse begraafplaats heeft  rondgelopen, liep grote kans een steen tegen te komen met 2 zegenende handen er op. Dat is het graf van iemand die tot het priesterlijke geslacht behoorde. Zegenen was immers bij uitstek het werk van de (hoge)priester. Vandaar dat wij aan het eind van de dienst meestal de Aäronitische zegen uit Numeri 6 meekrijgen.
De bekende woorden over “lichten” en het “verheffen” van het Aangezicht van God over ons. Deze zegen mocht de (hoge)priester uitspreken na zijn dienst in de tempel en, in later tijd, na een samenkomst in de synagoge. Alhoewel er ook door anderen gezegend werd, vaders die hun kinderen zegenden op de sabbath. Jacob die zijn zonen zegende en er zouden nog vele andere voorbeelden genoemd kunnen worden, was het toch alleen in die tijd aan de (hoge)priester voorbehouden om het volk te zegenen.
Namens God, staande in Zijn dienst, legde  hij het volk zijn zegen op. Ambtelijk vertegenwoordigde hij God bij het volk om de zegen uit te spreken. God wilde  Zijn Aangezicht over Zijn volk doen lichten en verheffen. Hij keek Zijn volk niet weg, wat terecht zou zijn,maar keek het aan en wilde spreken van verzoening.
Zo mogen wij ook de zegen aan het einde van de dienst ontvangen. Het vindt regelrecht zijn oorsprong  en betekenis  in die zegen van de (hoge)priester  bij het volk Israël !
W.E.W  (wordt vervolgd)

 
< Vorige   Volgende >