Logo PKN

Menu

Uitgangscollecte (28 juli) PDF   E-mail
De uitgangscollecte in de erediensten op zondag 28-07-2013 is bestemd voor “Straatkinderen”.


In veel ontwikkelingslanden vormen kinderen en jongeren het grootste gedeelte van de bevolking. Zeker in de warmere landen bevinden veel van deze kinderen zich een groot gedeelte van de dag op straat. Dit zijn geen straatkinderen. Ze spelen op straat, zijn onderweg voor een boodschap of op weg naar school, maar gaan ’s avonds gewoon weer naar huis. Er zijn ook kinderen die op straat iets proberen te verdienen. Ze poetsen schoenen, verkopen kranten of snoep of wassen auto’s. Ook dit zijn niet altijd straatkinderen. Vaak gaan ze gewoon naar school en verdienen ze na schooltijd wat bij voor het gezin. ’s Avonds gaan ze weer naar huis. Deze kinderen worden ook wel ‘kinderen op straat’ genoemd, om ze te onderscheiden van straatkinderen. De meeste kinderen zijn afkomstig uit arme gezinnen die van het platteland naar de stad zijn getrokken, op zoek naar werk en een beter leven. In de stad wordt het leven er vaak niet beter op en moet iedereen in het gezin bijspringen om het hoofd boven water te houden. Sommige kinderen op straat worden na verloop van tijd straatkinderen of, als ze wat ouder zijn, zwerfjongeren. Voor deze kinderen is er thuis weinig meer te halen. Ze worden bijvoorbeeld geslagen of misbruikt, moeten ook thuis weer hard werken om het gezin draaiende te houden of hebben ouders die verslaafd zijn aan drank of drugs. Deze kinderen besluiten op zekere dag voor zichzelf te beginnen. Ze slapen in groepen op straat, in parken en onder bruggen en houden zichzelf in leven met het geld dat ze verdienen met kleine klusjes. Andere kinderen verdienen hun brood door te bedelen, diefstal of prostitutie. Het leven op straat biedt de kinderen grote vrijheid. Ze kunnen doen en laten wat ze willen en hoeven zich nauwelijks aan regels te houden. Maar die vrijheid heeft ook een keerzijde. Het is voor de straatkinderen iedere dag weer een strijd om aan voldoende eten te komen en ze zijn slecht beschermd tegen geweld en seksueel misbruik. Om kou, honger en pijn te verdrijven, gebruiken veel kinderen drugs. Ze snuiven bijvoorbeeld lijm, verfoplosmiddel of benzine. Allemaal drugs die de longen sterk aantasten en op den duur ook de hersenen.
Straatkinderen komen overal in de wereld voor. Zelfs in Nederland zijn er jongeren die op straat leven. We noemen ze zwerfjongeren. Het is moeilijk om precies te zeggen hoeveel kinderen er wereldwijd op straat leven. Dit heeft onder meer te maken met het feit dat er in tellingen vaak geen onderscheid wordt gemaakt tussen kinderen ‘op straat’ (met een thuis) en ‘kinderen van de straat’ (kinderen die helemaal niet meer naar huis gaan). De situatie van straatkinderen verschilt van land tot land, en zelfs van stad tot stad. Overeenkomsten zijn er ook. Zo zul je overal ter wereld straatkinderen vooral tegenkomen in de grote steden, waar op straat ook wat te verdienen is.
Met de opbrengst van de collecten willen we projecten ondersteunen om opvang van straatkinderen te verzorgen en om door middel van preventieve projecten te voorkomen dat kinderen op straat terechtkomen

Namens de Diaconie,
Gert Jan Buitenhuis.

 
< Vorige   Volgende >