Logo PKN

Menu

Classicale vergadering PDF   E-mail
Dit jaar spreken de synode, de classicale vergaderingen en de kerkenraden over een verlichting van de regelgeving.

Door deze verlichting krijgen de gemeenten meer tijd en ruimte om bezig te zijn met waar het in een gemeente om gaat en dat is de verkondiging van het heil in Jezus Christus en het omzien naar elkaar en naar de anderen buiten de kerk. In het najaar vraagt het tweede pakket wijzigingsvoorstellen de aandacht. Het pakket is samengevat in tien kernpunten en deze worden hieronder toegelicht.

Gemeenteleden krijgen een grotere vrijheid om zich aan te sluiten bij de (wijk)gemeente van hun voorkeur.  Het voorstel houdt in dat gemeenteleden in een andere gemeente vriend kunnen worden als zij daar regelmatig meeleven. De mogelijkheid wordt geboden dat aan een vriend actief en passief stemrecht kan worden gegeven.

Een deel van de regelgeving die is vastgelegd in de ordinanties – met name rond de ledenregistratie en de vermogensrechtelijke zaken – verschuift naar generale regelingen. Tevens wordt voorgesteld de regel te schrappen dat de kerkenraad van de gemeente waaruit men vertrekt niet meer de mogelijkheid heeft om bezwaar te maken tegen het vertrek.

In het college van kerkrentmeesters bestaat uit ouderlingen-kerkrentmeester en kerkrentmeesters. Daarbij moest een meerderheid ambtsdrager zijn. Deze regel vervalt. Bij het college van diakenen wordt voorgesteld dat het college bestaat uit diakenen en diaconale rentmeesters. De laatsten zijn net als de kerkrentmeesters wel lid van het college maar geen ambtsdrager.

Er verandert rond de kerkenraden nog meer want de algemene kerkenraad krijgt een grotere vrijheid om zelf de omvang en samenstelling vast te stellen. De minimum omvang van een kerkenraad moet nu minimaal zeven leden zijn.
En een kerkenraad die met werkgroepen werkt, hoeft niet meer te bestaan uit een grote en een kleine kerkenraad. Een kleine kerkenraad volstaat in het laatste geval.

Het blijft van belang dat plaatselijk de zorg voor het kerkrentmeesterlijk en het diaconaal beheer op orde blijft. Daarom krijgt het classicaal college voor de Behandeling van Beheerszaken de mogelijkheid om de colleges aan te vullen tot het vereiste minimum. Daarbij krijgt dit college meer bevoegdheden bij het toezicht. Dit wordt mede veroorzaakt dat de overheid strengere eisen stelt aan het financieel beheer ook uit oogpunt van de ANBI-verklaring.
Boven deze classicale colleges komt een landelijk college voor eenheid in beleid en uitvoering.

.

Het moderamen heeft nog een aantal aanvullende voorstellen gedaan. Zij stelt voor dat er naast de gemeenteleden maar één andere categorie leden komt. De regelgeving moet beheersbaar een uitvoerbaar blijven.
Andere voorstellen zijn:
• Indien meerdere predikanten aan een (wijk)gemeente zijn verbonden, hoeven zij niet allemaal alle – kleine – kerkenraadsvergaderingen bij te wonen.
• Biedt de ruimte om ambtsdragers met bepaalde opdracht te verbinden aan de ambtelijke vergadering waarvan zij deze opdracht hebben ontvangen.
• De voorzitters van de colleges hoeven niet persé ook ambtsdrager te zijn.
• De minimale omvang van een kerkenraad is naast de predikant twee ouderlingen, een diaken en een ouderling-kerkrentmeester.
• Zorg voor een eenduidige set regels bij de komst en vertrek van voorgangers.
• Laat het moderamen meekijken voordat een plaatselijke regeling wordt vastgesteld.

.

Voor de één is het taaie kost om door het pakket heen te worstelen. Voor de ander is het een aangenaam tijdverdrijf om mee te denken over een goede kerkorde die aan de ene kant ruimte biedt op plaatselijk niveau en aan de andere kant ook voldoende houvast biedt als het echt op de regels aankomt. Het gaat er toch ook om dat het ordelijk toegaat in de gemeente van Christus.

Voor meer informatie kunt u zich wenden tot uw scriba, tot ondergetekende of kijk op de website van de Protestantse Kerk bij Kerk 2025.

Gerrit Bok, scriba van de classicale vergadering Apeldoorn.

 
< Vorige   Volgende >